Monografieën

In dit menu worden de resultaten gepubliceerd van onderzoeken die de geschiedenis en genealogie van een enkele familie overstijgen. Daarbij gaat het enerzijds om onderwerpen die vanuit een historische invalshoek worden benaderd, anderzijds om het beantwoorden van specifieke onderzoeksvragen die vooraf zijn geformuleerd. Belangrijk is verder dat bij het zoeken naar antwoorden genealogisch onderzoek een cruciale rol speelt.

Wat de onderwerpskeuze betreft, gaat het om sociale groepen, etnische gemeenschappen en beroepsgroepen binnen de koloniale samenleving. De eerste categorie omvat personen/families die met elkaar interacteren, zich bewust zijn van een bepaalde groep deel uit te maken en waarden en normen delen. Hiertoe rekenen wij onder meer de perkeniers op Banda, Europese landhuurders in de Javase vorstenlanden, suikercontractanten, planters in Deli en vrijmetselaren. De tweede categorie omvat personen/families die zich specifiek op grond van afkomst, religie, taal, cultuur of geschiedenis nauw met elkaar verbonden voelen, zoals Armeniërs, Joden, Indo-Afrikanen (belanda hitam), Depokkers, Toegoenezen en Mestiezen van Kisar. Bij de derde categorie gaat het om personen die hetzelfde beroep uitoefenen, zoals ambtenaren bij het binnenlands bestuur (meer specifiek bijvoorbeeld de residenten), architecten bij de waterstaat en ’s lands burgerlijke openbare, predikanten en beoefenaren van vrije beroepen.

Op dit moment wordt onder redactie van Stichting Indisch Genealogisch Erfgoed door diverse onderzoekers gewerkt aan een publicatie over de perkeniers op Banda. Tevens zal de stichting in 2020 een begin maken met het onderzoek naar Armeense families in Nederlandsch-Indië. Verder is er met direct betrokkenen overleg gaande over een op genealogische leest geschoeide publicatie over de nazaten van Afrikaanse KNIL-militairen.

Daarnaast biedt dit menu ruimte voor enerzijds bronnenpublicaties, anderzijds bron­bewerkingen die bijvoorbeeld de bedoeling hebben de Europese bevolking van een regio, eiland of plaats in kaart te brengen. Zo werkt Stichting Indisch Genealogisch Erfgoed in samenwerking met het Indisch Familiearchief aan een publicatie over de asal oesoel (asal usul). Als men tijdens de Japanse bezetting van Nederlandsch-Indië via dit afstammingsbewijs aantoonde dat men voldoende Aziatische voorouders had, hoefde men niet het kamp in. Op dit moment worden zoveel mogelijk asal oesoels verzameld. Het is de bedoeling deze in de hiervoor genoemde publicatie op te nemen. Iedereen die nog een asal oesoel in zijn bezit heeft, kan als men dit wil met de stichting contact opnemen via contact formulier.

Verder onderzoekt Stichting Indisch Genealogisch Erfgoed de mogelijkheden om de Europese bevolking van het eiland Madoera in kaart te brengen. Iedereen die hieraan een bijdragen zou willen en kunnen leveren, kan met de stichting contact opnemen via contact formulier.

Tenslotte onderzoekt Stichting Indische Genealogisch Erfgoed de mogelijkheden voor (periodieke) uitgave van het ‘Groene Boekje’ (officieel getiteld Indische Genealogieën). Het Groene Boekje moet met de stichting als uitgever de tegenhanger worden het ‘Witte Boekje’ (met gele omslag), waarvan de titel officieel Nederlandse Genealogieën luidt. In laatstgenoemde publicatie, waarvan tot nu toe dertien delen verschenen, werden in het verleden ook de genealogieën van Indische families opgenomen. Met het Groene Boekje zouden deze families dus een eigen genealogisch ‘huis’ krijgen.

Het is de bedoeling de kosten voor opname van een genealogie in het Groene Boekje zo laag mogelijk en betaalbaar te houden. Mocht het Groene Boekje gerealiseerd worden, dan is het streven deel 1 nog in 2020 te laten verschijnen. Iedereen die belangstelling heeft voor opname van zijn familie in het Groene Boekje en meer informatie wil kan met de stichting contact opnemen via contact formulier.