Afkomst en jeugd in de buitengewesten

Henri François Verhelst werd op 25 januari 1876 geboren te Pontianak in de Wester-afdeling van Borneo, als vijfde kind van de BB-ambtenaar Henricus Franciscus Verhelst R.O.N. en Rosalie Schornack. Pontianak was destijds het bestuurscentrum van de Wester-afdeling, waar zijn vader als assistent-resident Montrado werkzaam was. De naam Henri François droeg al een eerder geboren broer — dat kind was in 1871 te Bandjermasin als kleuter gestorven, en de naam werd hernomen voor hem. Hij groeide op in de koloniale samenleving van Indië en koos, anders dan zijn vader, niet voor een bestuursloopbaan maar voor een carrière in de particuliere cultuurondernemingen op Java.

Loopbaan in de suikercultuur (1899–1934)

Verhelst begon zijn loopbaan omstreeks 1899 als employé bij de cultuuronderneming Soemberhilan bij Malang (Pasoeroean). In de daaropvolgende vijftien jaar werkte hij zich op langs een reeks suikerondernemingen in het vruchtbare Pasoeroean-gebied: Poerwodadi bij Sengoro/Senggoeroeh bij Kepandjen (1902–1904), Soember Nongko bij Kepandjen (1904–1909), Bandoe Ardjo bij Ngebroek en Kepandjen (1909–1910 en opnieuw 1912–1913), Soemberredjo bij Kepandjen (1910–1912) en Alas Plengon bij Ngebroek en Kepandjen (1913–1914). Dit patroon van frequente overplaatsingen was typerend voor een ambitiëuze employé die ervaring opdeed in het beheer van verschillende ondernemingen en soorten suikerrietcultuur.

In 1914 bereikte Verhelst de top van zijn loopbaan met de benoeming tot administrateur van de suikeronderneming Soember Redjo bij Kepandjen, die hij leidde tot 1918. Daarna volgde het administrateurschap van de naburige onderneming Bandoeardjo bij Kepandjen, een positie die hij tot circa 1934 bekleedde — twintig jaar als administrateur van twee vooraanstaande Pasoeroeanse suikerondernemingen. Het Pasoeroean-gebied was in de eerste decennia van de twintigste eeuw één van de meest productieve suikerregio’s van Java; de administrateur was de hoogste gezagsfunctionaris van de onderneming, verantwoordelijk voor zowel de agrarische productie als het beheer van de inheemse arbeidersbevolking.

Huwelijken en gezin

Vóór zijn eerste huwelijk had Verhelst twee kinderen erkend bij de inlandse vrouw Marinten: Henriette Adèle (geb. 1898) en Louis (geb. 1900), beiden erkend te Malang omstreeks 1900/1901. Op 26 mei 1906 huwde hij te Pasoeroean met Anna Holina Kreekel, geboren op 31 januari 1887. Het huwelijk werd echter ontbonden: de echtscheiding werd op 23 mei 1913 ingeschreven te Malang. Uit dit huwelijk werden vijf kinderen geboren, van wie dochter Johanna Theodora jong overleed. Anna Holina Kreekel hertrouwde op 11 mei 1918 te Pasoeroean met François Emanuel Alexander Keller en overleed korte tijd daarna, op 18 februari 1919.

Reeds op 4 juni 1913 was Verhelst hertrouwd met Alëida Johanna Jacoba van Daalen, geboren te Malang in 1886 of 1887 als dochter van Wilhelmus Gerardus van Daalen en een inlandse vrouw, en weduwe van Willem Alexander David von Franquemont (gestorven 1908). Uit dit tweede huwelijk werd één kind geboren, Pauline Gerardine. Alëida overleed op 23 oktober 1936 te Malang.

N.S.B.-lidmaatschap en overlijden

In de jaren dertig sloot Verhelst zich aan bij de (Indische) N.S.B. — de Nationaal-Socialistische Beweging, kring Malang — en bleef dit lid tot zijn dood. Het N.S.B.-lidmaatschap was onder een deel van de Indo-Europese gemeenschap in Indië niet ongebruikelijk. De beweging appelleerde aan gevoelens van bedreiging van de Indo-Europese positie door toenemend Indonesisch nationalisme en de economische malaise van de jaren dertig. Verhelst bleef na zijn pensionering in Malang wonen. Hij overleed aldaar op 1 april 1938, op 62-jarige leeftijd. Hij maakte de bezettingsjaren en de Tweede Wereldoorlog niet meer mee; een oordeel over zijn politieke positie kan dan ook uitsluitend worden gevormd op basis van zijn vooroorlogse gedrag en de context van de jaren dertig in Indië.