Biografie

Jean Guillaume Dessauvagie, in zijn omgeving bekend als Bobby, werd op 12 juli 1951 geboren te Djakarta als tweede kind van Jean Pierre (Jan) Dessauvagie en Hendrika Josepha (Riek) van Balgooy. De familie Dessauvagie behoort tot de Indo-Europese familielijn die afstamt van Francis Ord Marshall, een Brits koopman op Java, wiens dochter Ellen Marchal in 1860 te Semarang huwde met Pierre Gérard Nicolas Dessauvagie, Oost-Indisch ambtenaar. Bobby Dessauvagie groeide op in ’s-Gravenhage, de stad die na de dekolonisatie van Indonesië het grootste Indische bevolkingsdeel van Nederland herbergde.

Kantjil & de Tijger: pionier van de Indische restaurantcultuur

In 1980 openden Bobby Dessauvagie en zijn kompaan Albert Jonkman een klein restaurant in een smal pand aan de Haagse Prinsestraat. Beiden waren opgegroeid in Den Haag en wilden een alternatief bieden voor de snelkostcultuur die op dat moment de stad domineerde. Het Algemeen Dagblad typeerde hen later als “twee Haagse jongens met Indisch bloed in de aderen”. De moeders van de twee ondernemers hielpen aanvankelijk mee in de keuken — een detail dat illustreert hoe de Indische culinaire traditie langs de vrouwelijke lijn werd doorgegeven.

De naam Kantjil & de Tijger — de kantjil (pilandok of muis-hert) is een emblematisch dier uit de Indische folklore, de tijger zijn meest bekende tegenstander — was een bewuste keuze die de Indische identiteit van het restaurant uitdrukte. Het interieur was ingericht in de stijl van “Vooroorlogs Indië”, met art deco-kroonluchters en lampen voorzien van oude Indische stadswapens. De keuken was gebaseerd op de Midden-Javaanse traditie.

Kantjil & de Tijger groeide uit tot een begrip. Eind jaren tachtig verhuisde de Haagse vestiging naar een groter pand op dezelfde Prinsestraat. In de vroege jaren negentig volgde een tweede vestiging aan de Spuistraat in Amsterdam. Op 9 september 1999 opende een derde vestiging aan het Haringvliet in Rotterdam. Jonkman benadrukte bij die gelegenheid dat uitbreiding nooit het doel was: “Het is zeker niet de bedoeling een keten van restaurants op te zetten.”

Pacific Century: fusie van Oost en West

In januari 1994 opende Dessauvagie in Amsterdam een tweede eigen restaurant: Pacific Century aan de Nieuwe Spiegelstraat 8. Het concept was een stap verder dan Kantjil & de Tijger: een bewuste fusie van Aziatische en westerse keuken, die Dessauvagie “Pacific Cuisine” noemde. Als chef de cuisine stelde hij de Californiër Vaughn Allen aan. Dessauvagie formuleerde de gedachte achter het restaurant in culturele termen: “De eenentwintigste eeuw wordt de eeuw van Azië. Azië zal niet alleen financiëel, economisch en politiek de toon zetten, maar ook cultureel.” Voor Pacific Century had Dessauvagie eerder het I-Café gerund aan dezelfde straat, gelieerd aan het ICA (Instituut voor Contemporaine Kunst), dat ten onder was gegaan.

Betekenis

Bobby Dessauvagie vertegenwoordigt een generatie Haagse Indische Nederlanders die hun culturele erfgoed zichtbaar maakten in het publieke leven van de stad — niet via politiek of schrijverschap, maar via ondernemerschap en gastvrijheid. Kantjil & de Tijger werd in de loop der jaren een van de bekendste Indische restaurants van Nederland en een ontmoetingsplek voor de Indische gemeenschap en een breed publiek. De overdracht van Indische recepten langs de moederlijn, het gebruik van Indische symbolen in naam en interieur, en de keuze voor Den Haag als vestigingsplaats zijn kenmerken die Dessauvagie’s profiel verbinden met de bredere Indische culturele beweging van de late twintigste eeuw.

⚠ Verificatie gewenst
Gegevens over huwelijk, kinderen en eventueel overlijden zijn niet bekend uit de geraadpleegde bronnen en dienen nader te worden vastgesteld via Burgerzaken of familieberichten. De Delpher-cluster van zeven krantenartikelen uit 1991–1993 (Het Parool, Algemeen Dagblad, De Telegraaf, NRC Handelsblad) is geïdentificeerd maar nog niet volledig gelezen; deze bevatten vermoedelijk informatie over de opening van de Amsterdam-vestiging van Kantjil & de Tijger.