🆕 Het eerste Indisch Familieblad is verschenen — gratis te lezen en te downloaden.  Lees nu →   |  ❤ Steun ons werk   |  📧 Nieuwsbrief

Nazaten van Afrikaanse KNIL-militairen (Belanda Hitam)

Tussen 1831 en 1872 werden ruim 3.000 Afrikaanse mannen geworven voor het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL). De meesten kwamen van de Goudkust — het huidige Ghana — en werden aangeworven vanuit het Nederlandse fort Sint George d’Elmina. De Javaanse bevolking gaf hen de naam Belanda Hitam: Zwarte Nederlanders. Hun nazaten in Indonesië en Nederland dragen dit erfgoed tot op de dag van vandaag.

Afrikaanse KNIL-soldaat in uniform, circa 1860
Afrikaanse KNIL-soldaat in uniform, vermoedelijk gefotografeerd in Nederlands-Indië, circa 1860

Dit SIGE-onderzoeksproject brengt de Indo-Afrikaanse familiegeschiedenissen in kaart: wie waren deze mannen, welke families stichtten zij, en wat weten hun nakomelingen nog van hun Afrikaanse herkomst? Het is een van de meest bijzondere en minst gedocumenteerde hoofdstukken van de Indische koloniale geschiedenis.

Achtergrond: werving aan de Goudkust

Kasteel Sint George d'Elmina, Ghana — vertrekpunt van de Afrikaanse KNIL-soldaten
Kasteel Sint George d’Elmina (Ghana), het vertrekpunt van de Afrikaanse KNIL-soldaten

Nederland bezat langs de Goudkust al eeuwenlang handelsposten, met als middelpunt het fort Sint George d’Elmina (in gebruik 1637–1872). Nadat de slavenhandel in 1814 door Nederland was verboden, bleef de aanwezigheid aan de Goudkust een militair-strategisch vraagstuk. De oplossing werd gevonden in vrijwillige werving van lokale mannen als soldaat voor het KNIL.

Vanuit Elmina vertrokken tussen 1831 en 1872 minstens twintig contingenten richting Java. De rekruten werden soms gekocht van lokale hoofden — een praktijk die nauw aanleunde bij slavernij — soms aangeworven als formeel vrije mannen. Velen hadden een Ashanti- of Fante-achtergrond. Aan boord van Nederlandse fregatten maakten zij de lange zeereis naar Batavia. Toen Nederland in 1872 zijn bezittingen aan de Goudkust overdroeg aan Groot-Brittannië, eindigde ook de rekrutering. In totaal hadden zo’n 3.000 Afrikanen in het KNIL gediend.

Leven in de Indische archipel

KNIL-militairen op patrouille in Nederlands-Indië, tweede helft negentiende eeuw
KNIL-militairen op patrouille in Nederlands-Indië, tweede helft negentiende eeuw

De Afrikaanse soldaten werden ingezet in uiteenlopende militaire campagnes: de Bali-expedities (1848, 1849), de Palembang-expeditie (1851) en de langdurige strijd in Atjeh (1873–1904). Velen lieten het leven in de tropen; anderen trouwden met Javaanse of Indo-Europese vrouwen en vestigden zich na hun diensttijd definitief in de archipel.

Een aanzienlijk deel belandde in de Residentie Kedu, met name in en rond Purworejo (Bagelen). Hier ontstond een gemeenschap die tot in de twintigste eeuw het bewustzijn van haar Afrikaanse origine bewaarde. Inwoners herinnerden zich namen als Koffie, Osangkje en Marcus — namen die rechtstreeks teruggaan op de Afrikaanse voorvaders. De term Belanda Hitam bleef decennialang in gebruik om deze bijzondere groep aan te duiden.

Indo-Afrikaanse families in het onderzoek

SIGE documenteert de genealogie van de Indo-Afrikaanse families op basis van koloniale archieven, het Burgerlijk Register, militaire stamboeken en mondeling overgeleverde familiegeschiedenissen. De volgende families zijn tot nu toe in beeld gebracht.

Familie Coffie (Koffie / Enkoroma)

De meest gedocumenteerde Indo-Afrikaanse familie. De naam Coffie is de vernederlandste spelling van het Akan-woord Kofi — ‘op vrijdag geboren’. Johan Frederik Enkoroma Coffie (1833–1904), geboren aan de Goudkust, diende als onderofficier in het KNIL en vestigde zich na zijn ontslag in Purworejo. Zijn broer Johannes Josephus Enkoroma Coffie bekleedde eveneens een positie in het koloniale bestel. Beide broers zijn opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederlandsch-Indië (BWNI).

Familie Osangkje (ook: Osankje, Osangie)

Jacobus Osangkje is eveneens opgenomen in het BWNI. De familienaam verwijst vermoedelijk naar een Ashanti-naam of -eretitel. Nakomelingen van de familie Osangkje zijn nog altijd te vinden in Midden-Java en in Nederland.

Familie Cordus

De naam Cordus — een Latijns persoonsnaam die in de koloniale registratie terechtkwam — duikt op in militaire stamboeken en civielebevolkingsregisters uit de tweede helft van de negentiende eeuw. Dragers van deze naam vestigden zich na hun diensttijd in Midden-Java. De familie Cordus behoort tot de minst gedocumenteerde Indo-Afrikaanse families; SIGE is actief op zoek naar nakomelingen en archiefbronnen die meer licht kunnen werpen op hun herkomst en levensloop. Beschikt u over informatie? Neem dan contact op.

Een van de families die een bijbelse naam als geslachtsnaam adopteerde — een patroon dat vaker voorkwam bij Afrikaanse soldaten die bij hun doop of indiensttreding een christelijke naam kregen en deze als achternaam overnamen. Het genealogisch onderzoek naar de familie Marcus is nog in volle gang.

Van vroeger naar nu: levend erfgoed

KNIL-militairen bij hun verblijf in Nederlands-Indië, Tropenmuseum collectie
KNIL-militairen bij hun verblijf in Nederlands-Indië. Collectie Tropenmuseum, Amsterdam (TM nr. 60045612)

De gemeenschap van Belanda Hitam-nazaten in Purworejo heeft een levendig bewustzijn van haar bijzondere herkomst bewaard. Lokale verhalen, familienamen met Afrikaanse klank en soms zelfs overgeleverde objecten geven de verbinding met de Goudkust concreet gestalte. In Indonesië zijn er initiatieven om dit erfgoed officieel te erkennen als onderdeel van de lokale geschiedenis.

In Nederland leven eveneens nakomelingen: Indo-Europeanen met een Afrikaanse tak in hun stamboom die dat soms pas bij genealogisch DNA-onderzoek ontdekken. Autosomaal DNA-analyse toont in die gevallen West-Afrikaanse componenten die niet passen bij de verwachte Aziatische of Europese menging — een verrassende ontdekking die de weg wijst naar de Goudkust en het KNIL.

Draag bij aan dit onderzoek

Heeft u een Indo-Afrikaanse familietak in uw stamboom? Kent u verhalen, foto’s of documenten over Belanda Hitam-nazaten? SIGE verwelkomt elke bijdrage — groot of klein. Neem contact op of doneer om dit unieke onderzoek levend te houden.

Literatuur en bronnen

Voor wie meer wil lezen over de Belanda Hitam en de Afrikaanse aanwezigheid in het KNIL:

  • Van Kessel, Ineke, Zwarte Hollanders: Afrikaanse soldaten in Nederlands-Indië. Amsterdam: KIT Publishers / KITLV, 2005. — De standaardmonografie over dit onderwerp.
  • Van Kessel, Ineke & Nina Tellegen, Afrikanen in Nederland. Amsterdam: KIT Publishers, 2000. — Achtergrond bij de Afrikaanse diaspora in de Nederlandse koloniale wereld.
  • Kuitenbrouwer, Maarten, Nederland en de opkomst van het moderne imperialisme. Amsterdam: De Bataafsche Leeuw, 1985. — Over de Nederlandse aanwezigheid aan de Goudkust en de afstoting van Elmina (1872).
  • Emmer, Piet C., De Nederlandse slavenhandel 1500–1850. Amsterdam/Antwerpen: De Arbeiderspers, 2000. — Context voor de werving aan de Goudkust.
  • Berkhout, Mark, ‘Belanda Hitam (Zwarte Hollanders) en hun plaats in leger en samenleving’, in: SIGE-Magazine 2 (2021), nr. 1/2, p. 18–24. — Overzichtsartikel over werving, dienstleven en integratie van de Afrikaanse KNIL-soldaten.
  • Berkhout, Mark, ‘Genealogie van de nakomelingen van Maria Mijzang, dochter van de Afrikaanse militair Jan Kudjo Meijzang’, in: SIGE-Magazine 2 (2021), nr. 1/2, p. 25–29.
  • Berkhout, Mark, ‘De Indo-Afrikaanse familie Rakwange en haar genealogie’, in: SIGE-Magazine 2 (2021), nr. 1/2, p. 30–41.
  • Berkhout, Mark, ‘De Afrikaanse fuselier Osankje en zijn afstammelingen’, in: SIGE-Magazine 3 (2022), nr. 1/2. — Parenteel van de familie Osangkje.
  • Biografisch Woordenboek van Nederlandsch-Indië (BWNI) — SIGE-database met lemma’s over onder meer Johan Frederik Enkoroma Coffie, Johannes Josephus Enkoroma Coffie en Jacobus Osangkje.
  • Nationaal Archief, Den Haag: Archief van het Ministerie van Koloniën, militaire stamboeken KNIL — primaire bron voor individuele soldatengegevens.

Steun het Belanda Hitam-onderzoek

Dit is een van de meest bijzondere en minst gedocumenteerde hoofdstukken van de Indische geschiedenis. Uw donatie maakt verder archiefonderzoek, publicaties in het Indisch Familieblad en de ontsluiting van familiegeschiedenissen mogelijk.

Word vriend van SIGE