Groene Boekje

Stamboomonderzoek is leuk, heel leuk. Dat weten inmiddels veel mensen. Begin je er aan, dan kun je niet meer zonder. En Indische roots maken het extra aantrekkelijk. Je familiegeschiedenis komt dan immers te staan in de context van migratie vanuit Europa naar Azië, de wording van een koloniale samenleving, de ontmoeting tussen verschillende culturen, gemengde huwelijken en het ongehuwd samenleven van Europese mannen en Aziatische vrouwen (het Indische concubinaat) en … de vruchten daarvan, erkende en niet erkende kinderen, contacten en scheidsmuren tussen de Europese en inheemse samenlevingen, de ups en downs van ambtelijke loopbanen, het Oost-Indisch leger en de koloniale oorlogen, het leven op bijvoorbeeld een suiker- of koffieonderneming, Indische fortuinen die soms werden gemaakt en schrijnende armoede die soms werd geleden en last but not least de minder fraaie kanten van een koloniale samenleving met haar heersers en overheersten. Bovendien voert je speurtocht naar het familieverleden je niet zelden terug naar Duitsland, België, het Oostzeegebied en andere Europese streken. Europeanen die naar Nederlands-Indië kwamen, waren immers niet alleen uit Nederland afkomstig. Maar dat is nog niet alles. Denk immers ook aan de vele Indische families met bijvoorbeeld Afrikaanse, Armeense of Joodse roots. Kortom Indische familiegeschiedenis biedt een waaier aan aspecten die elk voor zich genoeg stof voor een roman bieden en – misschien wat minder ambitieus – voor het schrijven van je eigen Indische familiegeschiedenis.

Wil je de geschiedenis van je familie schrijven, dan moet je om te beginnen weten hoe de genealogie van je familie in elkaar steekt. Aan de andere kant hoeft het opstellen van een genealogie niet per se tot een familiegeschiedenis te leiden. Een genealogie kan ook los van een familiegeschiedenis worden gepubliceerd. Kijk bijvoorbeeld maar naar de genealogieën die op de website van SIGE zijn geplaatst. Een deel daarvan verscheen overigens eerder al in druk in De Indische Navorscher (DIN). DIN is het orgaan van de Indische Genealogische Vereniging (IGV), dat in de periode 1988-2018 ononderbroken (31 jaargangen) verscheen, waarvan de laatste elf jaar (2008-2018) als jaarboek. Exemplaren voor zover nog voorradig kunnen bij de IGV worden besteld. In de laatstgenoemde periode was Roel de Neve, secretaris van SIGE, tevens coördinator van de SIGE-helpdesk Indische genealogie en heraldiek, de hoofdredacteur van DIN. Wat de toekomst voor DIN in petto heeft, moet de tijd nog leren.

DIN was overigens niet de enige gedrukte publicatie waarin Indische genealogen de resultaten van hun speurwerk met anderen konden delen. Ook Nederland’s Patriciaat – beter bekend als NP of het ‘Blauwe Boekje’ – en Nederlandse Genealogieën – ook bekend als NG of het ‘Witte Boekje’ (maar met een gelige omslag) – boden ruimte aan Indische genealogieën. Soms ging het om de genealogie van een Indische familie, soms om de genealogie van een Nederlandse familie met een uitgebreide Indische tak of Indische takken. Voorbeelden uit de eerste categorie zijn de families Döderlein de Win (gepubliceerd in NP 2015) en Coenraad (gepubliceerd in NG 2005). Van het Witte Boekje verschenen tot nu toe dertien delen, waarvan deel dertien in 2005. Het lijkt er dus op dat het Witte Boekje inmiddels een stille dood is gestorven.

Vooral het Blauwe Boekje is inmiddels een begrip in de genealogische wereld geworden. Het tot nu toe laatst verschenen deel (NP 2018/2019) is alweer het 96ste deel dat verscheen. Het eerste deel verscheen in 1910. Veel families willen er graag in worden opgenomen, mede omdat zij daarin voor zichzelf en anderen de bevestiging zien dat zij ‘deftig’ zijn. Je moet er overigens wel wat voor over hebben, want opname in het Blauwe Boekje is niet gratis.

Tot op heden is er nooit een Indische tegenhanger van het Blauwe en Witte Boekje geweest. SIGE zou daarin graag verandering willen brengen en komen tot publicatie van een geregelde reeks van het zogeheten Groene Boekje (Indische Genealogieën). Groen als verwijzing naar de Gordel van Smaragd. Met het Groene Boekje zouden Indische families dus een eigen genealogisch onderdak krijgen, wat natuurlijk mooi zou zijn. Afmetingen, uitvoering en inhoudelijke opzet van het Groene Boekje komen overeen met die van het Blauwe en Witte Boekje.

Het is de bedoeling de uitgave van het Groene Boekje te financieren door subsidies en een (bescheiden) financiële bijdrage van de inzenders van een genealogie. Hoeveel je voor een opname in het Groene Boekje betaalt, hangt af van het aantal pagina’s dat je genealogie telt. Vanzelfsprekend probeert SIGE de deelnamekosten voor de inzenders zo laag mogelijk te houden. Tegenover die kosten staat overigens wel dat inzenders zonder verdere kosten een aantal exemplaren ontvangen, ook dit naar rato van het aantal pagina’s dat een genealogie telt.

Het streven is het eerste Groene Boekje in 2021 te laten verschijnen. Iedereen die in principe belangstelling zou hebben voor opname van de genealogie van zijn familie in het Groene Boekje en/of vragen heeft, kan dit laten weten via info@indischgenealogischerfgoed.nl . Nu aangeven dat je in principe belangstelling hebt, leidt overigens niet tot enige verplichting.